AI-expert: Computers hebben nu al een soort bewustzijn

Een AI-expert beweert dat kunstmatige intelligentie nu al een soort bewustzijn heeft ontwikkeld. Maar worden wij mensen echt bijna ingehaald door onze eigen machines?

Een AI-expert beweert dat kunstmatige intelligentie nu al een soort bewustzijn heeft ontwikkeld. Maar worden wij mensen echt bijna ingehaald door onze eigen machines?

Shutterstock

De gedachte dat jouw smart-tv bijna een eigen bewustzijn heeft, waarmee hij in een onbekende taal kan praten met je smartphone, zou ons waarschijnlijk heel wat minder enthousiast maken over technologie.

Veel onderzoekers in de kunstmatige intelligentie reageerden daarom sceptisch toen hoofdwetenschapper Ilya Sutskever van het onderzoeksbedrijf OpenAI onlangs tweette dat ‘de huidige neurale netwerken al een beetje bewustzijn kunnen hebben’, zonder die uitspraak echter te onderbouwen.

Niet veel later regende het volgens het techmedium Futurism forse kritiek van AI-onderzoekers, want zo’n uitspraak dreigt de algemene opinie over kunstmatige intelligentie terug te brengen naar iets tussen HAL uit Space Odyssey 2001 en de killerrobots uit The Terminator.

Een van de critici van machinaal bewustzijn is de onafhankelijke Duitse sociotechnoloog Jürgen Geuter met de Twitternaam ‘tante’.

Hij noemt de uitspraak een hype van een startup die ‘slechts hele simpele statistiek berekent, gewoon alleen daarvan’.

Leervermogen straks 500 keer beter

Ilya Sutskever heeft OpenAI opgericht met onder andere de techster Elon Musk. De organisatie heeft onlangs het neurale netwerk GPT-3 ontwikkeld om teksten te bedenken die in meerdere onderzoeksrondes moeilijk te herkennen waren als zijnde 100 procent door computers geschreven.

De ontwikkeling van dat neurale netwerk gebeurt voornamelijk door data als woorden en zinnen in de machine te zetten. Bij GPT-3 is het neurale netwerk gevoed met miljarden teksten van websites en boeken.

Wat is AI – kunstmatige intelligentie – eigenlijk?

Met behulp van onder meer patroonherkenning van zinsconstructies, een aantal door mensen geschreven regels en het duizelingwekkende aantal van 175 miljard leerparameters, kan GPT-3 doodeenvoudig nieuwe teksten printen.

Met geavanceerde kansberekeningsmethoden leert het systeem vanzelf grammaticale fouten te corrigeren met steeds minder menselijke input.

Hoe meer data en training, hoe geloofwaardiger de output wordt, waardoor de zin ‘ik hou van jou’ bijvoorbeeld niet ‘hou ik van jou’ wordt.

De opvolger GPT-4 wordt naar verwachting in 2022 of 2023 gelanceerd, en zal met 100.000 miljard leerparameters nog 500 keer beter zijn dan de vorige.

Geheel zonder kunstmatige beademing

Of de zelflerende machine ook een echt bewustzijn heeft, is voer voor filosofen.

In de machine berekent de kunstmatige intelligentie nog steeds zijn goede antwoorden met behulp van de ‘brute force’-techniek.

Brute force kan vergeleken worden met het zonder hints proberen te raden van een wachtwoord totdat je toevallig het juiste tegenkomt.

Met brute rekenkracht kunnen wachtwoorden en andere beveiligingen extreem snel gekraakt worden, wat heel gunstig is bij spellen met vaste regels, zoals schaken.

Desalniettemin hebben we al sinds de tijd van Frankenstein, toen moeren en kathodestralen nog de meest geavanceerde bouwstenen waren, een collectieve angst voor technologische wezens die zich op een dag zo ontwikkelen dat ze ons voorbij streven en de mensheid uitroeien.

Dit wordt in de psychologie antropomorfisme genoemd: het toekennen van menselijke eigenschappen aan levenloze dingen.

Opvallend genoeg is angst en gevaar inschatten juist iets waarin mensen en machines wezenlijk van elkaar blijven verschillen.