Maan boven zee

Waarom hebben zon en maan niet dezelfde kleur?

Hoe kan het dat de zon vaak geel lijkt, terwijl de maan er wit uitziet? Die zou toch dezelfde kleur moeten hebben als hij het zonlicht reflecteert?

Hoe kan het dat de zon vaak geel lijkt, terwijl de maan er wit uitziet? Die zou toch dezelfde kleur moeten hebben als hij het zonlicht reflecteert?

Shutterstock

Meerdere vormen van gezichtsbedrog zorgen ervoor dat de zon en de maan verschillende, wisselende kleuren lijken te hebben.

De zon straalt zelf licht uit, terwijl de maan het alleen weerkaatst.

Het zonlicht bevat alle kleuren en zou er daardoor wit uitzien als we alles zagen. Maar de atmosfeer verstrooit vooral de paarse, blauwe en groene tinten. Daarom bereiken ons overdag vooral de kleuren rood, oranje en geel.

Als de zon laag boven de horizon staat, moet het licht door een groter deel van de atmosfeer om ons oog te bereiken. De langste golflengten, de rode tinten, hebben de minste moeite met de afstand. Daardoor lijkt de zon roder.

De eigen kleur van de maan, vooral grijs, beïnvloedt het licht dat bij ons terechtkomt. Daarnaast wordt het licht, net als dat van de zon, verstrooid door moleculen in de atmosfeer.

Daardoor lijkt de maan ook anders van kleur afhankelijk van zijn stand. Maar ook zijn relatieve lichtsterkte speelt een rol.

De zon en maan lijken licht met verschillende kleuren uit te stralen, maar dat is gezichtsbedrog.

Oog, licht en kleuren
© Shutterstock & BiM

Oog vangt licht en kleur op

Achter in het oog (A) zitten staafjes (B), die lichtgevoelig zijn, maar niet zo veel detail zien. De kegeltjes (C) hebben feller licht nodig, maar pikken kleuren veel beter op dan de staafjes.

Aarde en zonnestralen
© Shutterstock & BiM

Zonnekleuren worden verstrooid

Zonlicht bevat alle kleuren en is dus wit, maar moleculen in de atmosfeer (C) verstrooien vooral paarse, blauwe en groene delen van het licht (A). Geel, oranje en rood (B) zijn duidelijker zichtbaar voor de kegeltjes in de ogen.

Zon en aarde
© Shutterstock & BiM

Maanlicht valt op de ogen

De maan, die grijs is, weerkaatst zonlicht (A) dat in de atmosfeer verstrooid wordt. Omdat zijn licht (B) zwakker is dan dat van de zon, ziet de maan er vaak wit uit, hoewel hij ook geel of rood kan lijken, afhankelijk van zijn stand.

De ogen zien de wereld namelijk met behulp van kegeltjes en staafjes. Staafjes zijn zeer lichtgevoelig, maar letten niet zo op details. Kegeltjes zijn minder lichtgevoelig, maar als het licht fel genoeg is, pikken ze meer kleuren en details op dan de staafjes.

Fel zonlicht lijkt daardoor kleurrijker dan het zwakkere schijnsel van de maan, dat eerder in een zwart-wit palet valt.

Ze kunnen ook andere kleuren hebben, zoals paars en roze, als er bijvoorbeeld deeltjes van vulkaanuitbarstingen of bosbranden in de dampkring zitten.