Dat er rond de 30e breedtegraad zo weinig neerslag valt, komt door de wereldwijde atmosferische circulatie.

Daarom is het ten noorden en zuiden van de evenaar zo droog

De grote woestijnen op aarde liggen allemaal rond de 30 graden noorder- en zuiderbreedte. En er is een reden dat het klimaat daar zo droog is.

De grote woestijnen op aarde liggen allemaal rond de 30 graden noorder- en zuiderbreedte. En er is een reden dat het klimaat daar zo droog is.

Shutterstock/online express

Dat er rond de 30e breedtegraad zo weinig neerslag valt, komt door de wereldwijde atmosferische circulatie.

Bij de evenaar is de straling van de zon het meest intensief, waardoor er veel warme, vochtige lucht opstijgt in de atmosfeer. Onderweg omhoog koelt de lucht af, waardoor hij het vocht loslaat als regen.

Dat is de oorzaak dat de tropen zulke hevige regenbuien kennen. Op circa 30 graden noorder- en zuiderbreedte daalt de lucht vanaf 10 kilometer hoogte neer en warmt hij weer op, doordat de druk dichter bij het aardoppervlak groter is.

De droge, warme lucht leidt tot minder wolken en daardoor tot minder neerslag. Om die reden ligt het grootste deel van het woestijngebied op aarde, en de warmste gebieden, in de twee zones op ongeveer 30 graden van de evenaar. Ze worden ook wel subtropische hogedrukgebieden genoemd.

Luchtcirculatie is ingedeeld in grote cellen

Luftens cirkulation er inddelt i tre forskellige atmosfæriske celler, der hver især påvirker vejret.

Polair front zorgt voor instabiel weer

Op de grens tussen de Ferrel- en de polaire cel ligt het polaire front, tussen de 50e en de 60e breedtegraad. Dit is verantwoordelijk voor het instabiele weer in bijvoorbeeld Noordwest-Europa.

1

Botsing van lucht creëert onweer

De lucht uit de twee Hadleycellen ontmoet elkaar rond de evenaar en stijgt op. Daardoor ontstaat er een gordel van hevige onweersbuien, de intertropische convergentiezone.

2

Droge lucht daalt neer boven woestijnen

Op 30 graden ten noorden en zuiden van de evenaar is de lucht kurkdroog doordat het vocht als regen is afgegeven in de tropen. De lucht creëert daardoor een voedingsbodem voor woestijnen.

3
© Claus Lunau

Hevige onweersbuien bij de evenaar

De tegenhanger van de droge gebieden ligt bij de evenaar. Hier stijgt de lucht op en ontstaat er een gordel van hevige onweersbuien. De gordel wordt de intertropische convergentiezone (ITCZ) genoemd, waar de totale jaarlijkse neerslag erg hoog is. In de loop van het jaar verplaatst de ITCZ zich naar het halfrond waar het zomer is.

De komst van de ITCZ veroorzaakt de moesson, die onontbeerlijk is voor de landbouw op veel plekken op aarde. Dat geldt bijvoorbeeld voor India. Als de moesson maar een paar weken later komt of er meer of minder regen valt dan normaal, is de oogst aanzienlijk slechter.