Vrouw met mondkapje kijkt je aan

De 6 grote coronavragen: dit weten we nu, en dit willen we nog weten

De langetermijngevolgen blijken ernstig, en een vaccin is geen wondermiddel. Wij praten je bij over wat er nu bekend is over het coronavirus, en wat onderzoekers nog willen weten.

De langetermijngevolgen blijken ernstig, en een vaccin is geen wondermiddel. Wij praten je bij over wat er nu bekend is over het coronavirus, en wat onderzoekers nog willen weten.

Shutterstock

1. Muteert het coronavirus tot een dodelijkere variant?

3D-weetgave van het spike-eiwit op het coronavirus
© Jason McLellan/Univ. of Texas at Austin

DIT WETEN WE:

Sinds het begin van de coronacrisis volgen wetenschappers op de voet hoe snel het coronavirus SARS-CoV-2 muteert en hoe die mutaties de eigenschappen van het virus veranderen.

Menselijke genen bestaan uit DNA, dat opgebouwd is uit twee strengen. Een coronavirus is een lange code van enkelstrengs RNA. Als die code wordt ‘gekopieerd’ naar een nieuw virus, ontstaan er foutjes, die kunnen uitgroeien tot mutaties.

De nieuwste onderzoeken laten zien dat het coronavirus langzamer muteert dan andere RNA-virussen. Elke maand ontstaan er twee fouten in de code van 29.903 ‘letters’: dat is half zo snel als een griepvirus en een kwart zo snel als hiv.

Om een mens te infecteren moet het coronavirus onze cellen binnendringen. En nieuw onderzoek wijst uit dat het virus zich 10 keer zo effectief aan onze cellen bindt als bijvoorbeeld het SARS-virus.

© Lasse Lund-Andersen

1. Eiwit opent onze cellen

Een zogeheten ‘spike protein’ op het virusoppervlak zorgt ervoor dat het virus ons lichaam kan binnendringen. Dit eiwit fungeert namelijk als een soort loper, die onze cellen kan openen.

© Lasse Lund-Andersen

2. Virus verspreidt zijn RNA

Als het virus de cellen is binnengedrongen, verspreidt het zijn erfelijk materiaal, RNA. Daarnaast gebruikt het onze cel als een soort fabriek om zichzelf massaal te produceren. En dan word je ziek.

Op het moment waart er een variant van SARS-CoV-2 rond, die G614 genoemd wordt. Dankzij een mutatie in de zogeheten spike-eiwitten kan G614 beter doordringen tot in de cellen, waardoor het besmettelijker is. En het lijkt even dodelijk als de oorspronkelijke variant uit Wuhan.

DIT WILLEN WE GRAAG WETEN:

Hoewel het coronavirus dus vrij stabiel is, hebben onderzoekers meer dan 12.000 mutaties in het genoom aangetoond. Nu moeten de gevolgen van de belangrijkste mutaties in kaart worden gebracht, wat een flinke klus is.

SARS-CoV-2 kan muteren in twee hoofdrichtingen:

  • Dodelijker, maar minder besmettelijk.
  • Besmettelijker, maar minder dodelijk.

Uit ervaringen met andere coronavirussen blijkt dat het laatste vaker voorkomt.

Sommige onderzoeken wijzen bovendien uit dat de overheersende variant, G614, een makkelijker doelwit voor een vaccin is.

2. Biedt groepsimmuniteit bescherming?

Eén persoon met het coronavirus besmet 2,5 personen. 10 mensen met COVID-19 besmetten er dus 25, die op hun beurt 62,5 personen besmetten, enzovoort. Met groepsimmuniteit geven veel minder mensen de ziekte door.

© Lasse Lund-Andersen

DIT WETEN WE:

Het begrip groepsimmuniteit was lange tijd taboe in het debat over de bestrijding van het coronavirus, omdat naar schatting 60 tot 70 procent van de bevolking besmet moest raken om groepsimmuniteit te bewerkstelligen, wat honderdduizenden doden tot gevolg zou hebben.

Een nieuw onderzoek toont echter aan dat groepsimmuniteit bereikt kan worden als circa 43 procent van de bevolking besmet is geweest met het coronavirus.

Dat komt onder meer doordat de meest sociaal actieve mensen het eerst besmet en immuun worden. Omdat de overigen minder contacten hebben, daalt het gemiddelde aantal personen dat een zieke besmet.

© Tkarcher / Wikimedia Commons

Berekeningen laten zien dat 10 tot 20 procent van de bevolking 80 procent van de besmettingen vertegenwoordigt.

Eind juni was 18,7 procent van de inwoners van een buitenwijk van Stockholm immuun. Dat hoge percentage kan samen met een verbod op bijeenkomsten verklaren waardoor Zweden begin dit najaar minder besmettingen kende dan andere landen.

DIT WILLEN WE GRAAG WETEN:

Verschillende leeftijdsgroepen hebben gemiddeld een verschillend aantal dagelijkse contacten. Zo hebben 5- tot 19-jarigen circa 15 à 18 dagelijkse contacten, terwijl dat cijfer bij mensen boven de 70 onder de 7 ligt. Wetenschappers onderzoeken hoe dit verschil het aantal besmettingen beïnvloedt, en daarmee wanneer groepsimmuniteit is bereikt.

Andere onderzoekers willen weten of je de zogeheten superverspreiders eerst uit de gegevens moet verwijderen. Misschien is groepsimmuniteit sneller bereikt dan eerder aangenomen.

3. Hoe besmettelijk is het coronavirus?

© Shutterstock

DIT WETEN WE:

Al vroeg in de pandemie was duidelijk dat besmettingen met COVID-19 op twee manieren verliepen:

  • Via druppeltjes tijdens nauw fysiek contact
  • Via druppeltjes op oppervlakken

Uit proeven is daarnaast gebleken dat roepen, zingen en hijgen meer virussen verspreidt, waardoor bijvoorbeeld nachtclubs en sportscholen met strenge regels te maken kregen.

Het gemiddelde aantal mensen dat één zieke besmet lijkt nu tussen de 2 en de 6 te liggen. Bij een gewone verkoudheid is dat 2 tot 3.

We weten nu ook dat het risico om besmet te raken groter wordt:

  • naarmate je dichter bij een besmet persoon komt, en …
  • naarmate je langer doorbrengt in de buurt van een besmet persoon.

De meeste mensen met symptomen zijn besmettelijk, maar 40 tot 80 procent kan besmettelijk zijn zonder symptomen.

Volgens een onderzoek wordt 80 procent besmet door iemand die (nog) geen symptomen vertoont. Het percentage is echter moeilijk vast te stellen, want je moet de besmettingen er zeer goed voor in kaart kunnen brengen.

DIT WILLEN WE GRAAG WETEN:

Er zijn nog veel vragen rond de manier waarop het coronavirus overgedragen wordt.

Zo is er nog onduidelijkheid rond de vraag of besmettingen ook via de lucht plaatsvinden, zoals 239 wetenschappers stelden in een open brief aan de Wereldgezondheidsorganisatie WHO.

Kijk hoe virussen zich minuut voor minuut in de supermarkt verspreiden:

Ook is het nog de vraag welke rol de seizoenen spelen bij het overleven van het virus buiten een menselijke gastheer, en of het feit dat het virus minder lang overleeft bij warm weer ook tot minder besmettingen leidt.

Voorts staat nog niet vast of het virus ook via uitwerpselen of ongewassen handen overgedragen wordt.

4. Wat zijn de langetermijngevolgen van COVID-19?

En udmattet mand sover på sofaen som følge af senfølger fra Covid-19
© Shutterstock

DIT WETEN WE:

‘Ik kan niet meer dan drie uur mijn bed uit en mijn armen en benen branden alsof ze ingespoten zijn met szechuanpepers.’ Dat schreef de Britse epidemioloog Paul Garner in een blog, 95 dagen nadat hij besmet was geraakt met het coronavirus.

Er is nu veel aandacht voor de lange lijst van effecten die lang aanhouden nadat de ziekte zelf voorbij is: ademhalingsproblemen, verminderde concentratie, vermoeidheid en pijn.

Zelfs patiënten met geen of milde symptomen kunnen ermee te maken krijgen.

Dit doet COVID-19 op termijn met het lichaam:

Een deel van deze langetermijneffecten treedt op doordat littekenweefsel in de longen de zuurstofopname verlaagt.

Uit een Zuid-Koreaanse enquête bleek dat 9 van de 10 patiënten nog lange tijd last hadden van vermoeidheid en concentratieproblemen of een verminderde reuk en smaak.

DIT WILLEN WE GRAAG WETEN:

Hoewel wetenschappers de langetermijneffecten nu onderzoeken, is het nog niet duidelijk hoe deze complicaties ontstaan en of zich later ernstige aandoeningen kunnen ontwikkelen.

Zo duidt een onderzoek erop dat COVID-19-patiënten een verhoogd risico op diabetes hebben, maar of dat zo is, is nog onzeker.

Uiteindelijk zullen wetenschappers ontdekken hoe de langetermijneffecten het best te bestrijden zijn.

5. Hoe lang ben je immuun nadat je ziek bent geweest?

© Shutterstock

DIT WETEN WE:

De eerste gevallen van mensen die twee keer corona opliepen, zijn bekend. Na 3 tot 5 maanden kregen vier patiënten de ziekte opnieuw.

Daardoor hebben we voor het eerst een idee hoe lang de immuniteit na een besmetting duurt.

Deze voorbeelden kunnen echter bijzondere gevallen zijn, en naar verwachting duurt de immuniteit gemiddeld langer.

Immuniteit houdt kortweg in dat het lichaam na een besmetting de virussen die de ziekte veroorzaakten, herkent en uitschakelt.

Als virussen opnieuw binnendringen, haalt het immuunsysteem alles uit de kast, waaronder antistoffen en zogeheten T-cellen, om ze te bestrijden.

© Shutterstock

DIT WILLEN WE GRAAG WETEN:

Hoewel de eerste herbesmettingen gemeld zijn, is het te vroeg om te zeggen hoe lang de immuniteit aanhoudt.

We kunnen kijken naar de overige coronavirussen, want er zijn er meer. De exemplaren die een gewone verkoudheid veroorzaken, worden gemiddeld na een paar maanden ‘vergeten’.

We kunnen ook kijken naar onderzoeken van 176 patiënten uit Taiwan na de SARS-uitbraak van 2003. SARS wordt veroorzaakt door een coronavirus dat op SARS-CoV-2 lijkt.

Twee jaar lang lieten bloedmonsters hoge concentraties antistoffen zien. Daarna begon het geheugen van het lichaam weg te zakken. Onderzoekers schatten dan ook dat de immuniteit na SARS zo’n drie jaar duurt.

Onderzoeken hebben aangetoond dat sommigen met milde symptomen zeer weinig antistoffen aanmaken. Het is nog onduidelijk wat de gevolgen daarvan zijn.

6. Kan een vaccin de pandemie stoppen?

© Shutterstock

DIT WETEN WE:

Vijf vaccins bevinden zich op het moment in de derde en laatste testfase, waarin wordt bepaald of ze werkzaam en veilig genoeg zijn om aan een groot deel van de bevolking te geven.

Tijdens de testfasen hebben meerdere vaccins goede resultaten laten zien.

Het staat buiten kijf dat een vaccin een effectief middel is om groepsimmuniteit te bereiken. Maar de WHO waarschuwt wel dat een vaccin geen wondermiddel is dat een pandemie als bij toverslag doet verdwijnen.

Een vaccin bereidt het immuunsysteem voor op de ontmoeting met een virus of bacterie.

© Oliver Larsen

Eerste immuunrespons

Een vaccin bestaat uit dode of levende delen van een virus of bacterie. Het immuunsysteem reageert erop door antistoffen tegen de ziekte op te bouwen, plus geheugencellen, die de ziekte onthouden voor een volgende keer.

© Oliver Larsen

Tweede immuunrespons

Als het lichaam het virus of de bacterie nogmaals tegenkomt, herkent het immuunsysteem de indringer meteen en worden de antistoffen aangemaakt die hem bestrijden.

Een berekening heeft aangetoond dat een coronavaccin zo’n 70 of zelfs 80 procent van de mensen moet beschermen voor we kunnen stoppen met afstand houden.

Ter vergelijking: het mazelenvaccin beschermt 95 à 98 procent, het griepvaccin 20 à 60 procent.

Als een vaccin 50 procent effectief is (besmetting voorkomt bij 50 van de 100 mensen), kan het goedgekeurd worden in de VS. De resterende 50 procent zal in het beste geval enigszins beschermd zijn, waardoor de ziekte milder kan worden.

Op termijn kunnen de beperkingen opgeheven worden als de groepsimmuniteit toeneemt dankzij een vaccin. Maar er zal een lange overgangsperiode zijn waarin het virus nog gevolgd moet worden met tests en onderdrukt moet worden met maatregelen. Hoeveel mensen het vaccin weigeren, speelt ook een rol.

DIT WILLEN WE GRAAG WETEN:

Eerst moeten we weten hoe effectief een vaccin is en hoe lang het werkzaam is. Sommige onderzoekers denken dat vaccins maximaal vijf jaar bescherming kunnen bieden, maar de relatief trage mutatie van het virus zou wel gunstig zijn.

Waartegen een vaccin precies beschermt, is ook belangrijk. Er zijn veel typen vaccins in ontwikkeling, en blijkbaar werken die vooral door het immuunsysteem op SARS-CoV-2 voor te bereiden, waardoor de patiënt niet ziek wordt van de infectie. Maar de patiënt zal vermoedelijk nog steeds virussen verspreiden – in ieder geval in theorie.

Het HPV-vaccin heeft bijvoorbeeld in Australië baarmoederhalskanker bijna uitgeroeid omdat het niet de kanker zelf aanvalt, maar de genitale wratten die de ziekte veroorzaken.

Wanneer de eerste vaccins beschikbaar zijn is nog niet zeker – wellicht begin 2021.