Alles voor je kind

Elke ouder weet dat kinderen het een en ander vergen, zoals voedsel, zorg en bescherming. Maar bij veel dieren komt er meer bij kijken. Er zijn ouders die het weken zonder slaap moeten stellen, of die het ultieme offer voor hun nageslacht brengen.

Elke ouder weet dat kinderen het een en ander vergen, zoals voedsel, zorg en bescherming. Maar bij veel dieren komt er meer bij kijken. Er zijn ouders die het weken zonder slaap moeten stellen, of die het ultieme offer voor hun nageslacht brengen.

Doug Perrine/SeaPics.com

Nestzorg

Sommige dieren verlaten hun eitjes en jongen in de hoop dat er een paar overleven, andere knuffelen hun kleintjes halfdood.

Kroost kruipt uit moeders rug

Als de kikkers het ‘nest’ verlaten wordt de broedhuid afgeworpen.

© Nature’s Images

De grote platte pipa leeft in waterplassen in tropisch Zuid-Amerika. Na het paren plakt het vrouwtje haar eitjes op haar rug, die er dan uitziet als een mozaïek.

Vervolgens zwelt de huid van de rug op tot die de eitjes aan alle kanten beschermt. Ten slotte wordt er een klein doorzichtig dekseltje over elk eitje gevormd, zodat de eitjes een eigen zwembadje hebben.

De jonge kikkertjes doorlopen alle stadia van hun ontwikkeling – van eitje via kikkervisje tot kikker – op moeders rug.

Als ze groot genoeg zijn laat het deksel op elk zwembadje los en kunnen de jongen de wijde wereld in.

VIDEO: Kijk hoe de kikkertjes erop uitgaan:

Pappa houdt oogje in het zeil

Thermometervogels kennen een van de meest tijdrovende en ingewikkelde broedwijzen. Ze leggen enorme heuvels met een omtrek van zo’n 20 meter aan van zand, aarde en planten.

Het vrouwtje legt haar eieren in kuiltjes in de heuvel, en die worden uitgebroed door de warmte van de rottende planten. Het mannetje bouwt de heuvel grotendeels en past acht tot tien maanden per jaar op de eieren – het hele etmaal door.

Het mannetje verwarmt het nest door er meer zand tegenaan te gooien.

© D. Watts /Nature PL

Met temperatuurgevoelige cellen rond zijn snavel voelt hij of het voor de eieren te warm of te koud is, waarna hij zand wegschuift of toevoegt.

En al die moeite heeft als voordeel dat de jongen beschermd zijn tijdens de broed en zich over het algemeen zelf kunnen redden als de eieren eenmaal uitkomen.

Slapen is er niet meer bij voor walvissenouders

Jonge mensenouders slapen soms maar drie à vier uur per nacht. Vergeleken met de orka is dat echter een hele luxe.

© Hiroya Minakuchi/Minden Pictures

Mensenouders weten dat je met een baby slaap tekort kunt komen. Veel slaap. Naar schatting hebben ouders 1000 uur aan slaap ingeleverd tegen de tijd dat het kind twee wordt.

Toch hebben we niets te klagen – de jongen van de orka en tuimelaar slapen de eerste maand van hun leven helemáál niet, en omdat ze zichzelf nog niet kunnen redden moeten hun ouders hun ogen openhouden.

Omdat hij adem moet halen en tegelijk de vijand in de gaten moet houden, kan de orka zich geen diepe slaap veroorloven. Daarom blijft hij zwemmen en rust hij met één hersenhelft en één oog tegelijk uit.

© claus lunau

  1. In wakkere toestand is er in het hele brein veel activiteit.
© claus lunau

  1. Als de orka moet slapen stopt de activiteit in de rechterhersenhelft en gaat het linkeroog dicht.
© claus lunau

  1. Na twee uur ontwaakt de rechterhersenhelft en rusten de linkerhelft en het rechteroog uit.

Waar dat verschijnsel door veroorzaakt wordt, is nog niet helemaal duidelijk. Meestal hebben jonge dieren de eerste tijd juist veel slaap nodig om een goede start te maken met hun groei en ontwikkeling.

Maar walvissen hebben wel meer bijzonderheden als het om slapen gaat. Ze slapen namelijk nooit voor de volle 100 procent.

Dat komt onder meer doordat hun ademhaling een bewuste handeling is en niet vanzelf gaat, zoals bij andere dieren. Als dolfijnen en orka’s slapen, rusten de twee hersenhelften beurtelings uit.

Kiwi zeult reuzenei mee in haar buik

De Nieuw-Zeelandse kiwi legt maar één ei per keer. Maar daar steken de vogelouders wel bergen energie in.

Het ei kan wel een kwart van het gewicht van het vrouwtje bedragen en neemt zoveel plek in beslag dat haar organen boven in de buik samengeperst worden.

Het kiwi-ei vult bijna de hele buik – de moedervogel kan haast niet meer eten en lopen.

© Te Papa Museum, Wellington

Ze kan vrijwel niet eten, en de laatste dagen voor ze het ei legt kan ze bijna niet lopen; ze gebruikt haar tijd om haar buik te koelen in een waterplas.

Als ze het ei heeft gelegd, moet ze bijkomen, en de broedperiode van drie maanden laat ze aan het mannetje over.

De beloning voor het harde werk van de ouders is dat het jong zeer ontwikkeld uit het ei komt, en zichzelf al heel behoorlijk kan redden.

Moeder past op tot ze erbij neervalt

De achtarmige reuzenkraak leidt een kort en hectisch bestaan. Al weegt de octopus soms meer dan 50 kilo en heeft hij een spanwijdte van acht à negen meter, hij wordt zelden ouder dan vier jaar.

Het mannetje sterft kort na de paring, maar het vrouwtje heeft dan nog een laatste taak te vervullen.

Mams past wel acht maanden op haar eitjes, tot ze verhongert.

© Fred Bavendam/Minden

Ze legt tot wel 100.000 eitjes in een kuil, waarna ze er voortdurend vers, zuurstofrijk water overheen wappert. Zou ze dat niet doen, dan zou er bijna geen eitje uitkomen.

Maar al die aandacht eist zijn tol. Het vrouwtje kan haar post geen moment verlaten, en uiteindelijk komt ze om van uitputting en honger.

Voeding

Jonge dieren vreten hun vader en moeder de oren van de kop, en soms gaan de liefhebbende ouders eraan onderdoor..

Dikke moeders, gezonde jongen

Bij zeezoogdieren komen vrouwtjes honderden kilo’s aan voor het baren. Dankzij het extra gewicht krijgen hun jongen vette melk, zonder dat de moeder zelf steeds hoeft te eten.

Tot hij op een leeftijd van zes tot acht jaar geslachtsrijp is moet een walrusmannetje 1500 kilo oppotten.

© Nature Prod. /Nature PL

Jongen zogen valt niet mee voor een moeder. Ze moet niet alleen genoeg voedsel binnenkrijgen, maar ook melk voor haar kroost aanmaken.

En bij zeezoogdieren gaat het om heel veel melk. De jongen moeten zo snel mogelijk een dikke speklaag vormen om warm te kunnen blijven in het koude water.

Meestal zijn ze bovendien zo hulpeloos dat ze niet even alleen kunnen blijven.

De ouders hebben in de kraamperiode geen tijd om voedsel te zoeken, dus moeten ze vóór de geboorte van hun jong zo veel eten dat ze desnoods een paar maanden zonder voedsel kunnen.

Zo komen ijsberenvrouwtjes wel 100 tot 200 kilo aan voor ze ook maar aan paren beginnen te denken.

© Shutterstock

Melk van zeedieren is vet

  • Paard: 2,2 % vet 2,0 % eiwitten

  • Koe: 3,4 % vet 3,3 % eiwitten

  • Mens: 4,0 % vet 1,5 % eiwitten

  • Geit: 4,8 % vet 4,8 % eiwitten

  • Varken: 5,0 % vet 3,7 % eiwitten

  • Hond: 9,3 % vet 9,7 % eiwitten

  • Rendier: 17,1 % vet 10,9 % eiwitten

  • Walrus: 30,0 % vet 10,0 % eiwitten

  • Blauwe vinvis: 38,1 % vet 12,8 % eiwitten

  • Zadelrob: 42,8 % vet 12,0 % eiwitten

Zeeolifanten potten 300 tot 400 kilo vet op voordat de jongen geboren worden, en grote walvissen worden zelfs tonnen zwaarder om hun jongen de meer dan 100 liter melk per dag te kunnen geven die ze nu eenmaal nodig hebben.

De melk van zeezoogdieren is zeer vet, omdat de jongen zo snel mogelijk moeten groeien. Met een vetpercentage van 30 kunnen jonge walrusjes bijvoorbeeld een kilo per dag aankomen.

Een pasgeboren walrus weegt 45-75 kilo, maar na een jaartje moedermelk geeft de weegschaal ongeveer 400 kilo aan.

Discusvis zoogt haar kroost met het hele lichaam

Discusvisjes leven de eerste twee tot drie weken uitsluitend van een voedzame slijmlaag, die beide ouders uitscheiden.

© Getty Images

De tropische discusvis, een populaire aquariumvis, zorgt er wel voor dat de jongen niets tekortkomen.

De ouders vangen geen prooidieren voor ze, zoals bij veel andere vissensoorten, maar scheiden over hun hele lijf een voedzame slijmlaag af, waar de jongen zich aan tegoed kunnen doen.

Het is geen melk, maar het lijkt er toch sterk op dat ze hun jongen zogen zoals zoogdieren.

Uit onderzoek van het slijm blijkt dat zijn voedzame, immunologische samenstelling verandert naarmate de kleine visjes groter worden.

De jongen eten er een week of twee, drie van, maar daarna houden de volwassen vissen het voor gezien en trekken ze zich terug.

Nog een week later gaan de ouders er zelfs vandoor, zodat de jongen van de ‘zuigfles’ af kunnen komen en leren om zelf naar voedsel op zoek te gaan.

Vlijmscherpe babytanden in moeders huid

Wormsalamanders zijn familie van kikvorsachtigen maar lijken op wormen.

© H. Jeffkins/Nature PL

Wat doet een moeder die haar jongen niet alleen kan laten om eten te zoeken en dus ook geen melk voor ze kan aanmaken? Ze voedt haar
kinders met haar eigen lijf.

Zo denkt de wormsalamander erover: een lid van de meest ongewone groep van amfibieën. Als pasgeborenen leven de jongen van moederhuid.

Sommige soorten gooien hun jongen afgeworpen huid toe, en andere maken speciaal een dikke huidlaag aan. De jongen hebben vlijmscherpe tanden, waarmee ze schilfers huid afknagen.

Als ze groot genoeg zijn om zelf voedsel te zoeken, verliezen ze hun knaaggebit en krijgen de ouders de tijd om hun aangevreten lichaam weer een beetje te laten herstellen.

Spinnen stimuleren jachtinstinct van hun jongen

Spinnenmoeders bevorderen het jachtinstinct van de kleintjes door het web te laten trillen. Door die bewegingen gaan de jongen helemaal los.

© PREMAPHOTOS/Nature PL

Sommige insecten en spinnen brengen het ultieme offer voor de volgende generatie.

In een beschutte holte in een oude boom leggen ze hun eitjes, veilig voor roofdieren. Tegelijk zorgen ze ervoor dat de jongen te eten hebben als ze uit de eitjes komen: hun moeder gaat dood, zodat de jongen hun leven kunnen beginnen met een fatsoenlijke maaltijd.

Bij andere spinnensoorten leeft mamma nog als de jongen haar aanvallen, en zo stimuleert ze tegelijkertijd het roofinstinct van de kleine schatjes.

Bescherming

Als de jongen zijn geboren en gevoed, zit het werk er nog niet op. De hulpeloze hoopjes moeten ook verdedigd worden.

Vis heeft er de bek van vol

Sommige vissen passen als een moederkloek op hun kroost – en zeker de zogeheten muilbroeders.

Daaronder vallen diverse soorten, die los van elkaar een speciale broedtechniek hebben ontwikkeld: als de eitjes van het vrouwtje
bevrucht zijn, stopt het mannetje er zijn bek mee vol en zwemt hij ermee rond tot ze uitkomen.

Zo zijn de eitjes goed beschermd – alleen kan het mannetje niet eten.

De gele kaakvis biedt jongen de beschutting van zijn bek.

© Doug Perrine/SeaPics.com

Sommige soorten doen er nog een schepje bovenop en houden zelfs de jonge visjes nog in hun bek, zodat ze een veilig plekje hebben voor als er gevaar dreigt.

Daardoor moet het mannetje nog langer vasten, maar het betekent wel dat zo veel mogelijk jongen de eerste kwetsbare periode overleven.

Er zitten echter scheurtjes in de verdediging, doordat de vadervis per ongeluk wel eens een visje inslikt. Vooral als er een aantrekkelijk vrouwtje voorbijkomt.

Stern stort zich op alles en iedereen

Met 40 à 50 km/h duikt de stern op roofdieren die te dicht bij de kolonie komen.

© Ole Jorgen Liodden/Nature PL

Noordse sternen nestelen in grote kolonies op het noordelijk halfrond. Ze bouwen geen nest maar leggen hun eieren gewoon op de grond.

Dat lijkt een riskante aanpak, maar de Noordse stern kent geen vrees, en de volwassen vogels werken nauw samen om onbevoegden op afstand te houden.

Als een dier de kolonie nadert, stijgen de oudervogels op en vallen ze de indringer met een gewelddadige duikvlucht aan, of het nu om een vos of een muskusos gaat.

Sternen zijn uitstekende piloten, die met grote precisie vlak langs de kop van een vijand scheren.

Als het roofdier dan nog niet op de vlucht slaat, kunnen Noordse sternen met hun snavel flink naar hem uithalen, en ook grote dieren voelen een sternsnavel wel als die met 40 tot 50 km/h op ze inhakt.

Mezennest heeft geheime ingang

De slimme buidelmees beschermt zijn jongen tegen roofdieren door een nest met een nepingang te vlechten.

© Des & Jen Bartlett/National Geographic Coll.

De Afrikaanse buidelmees bouwt een groot, druppelvormig nest van gevlochten grassprieten.

Het nest heeft een duidelijke opening, die naar een ruime kamer met een gevlochten bodem leidt. Alleen zijn de jongen nergens te
bekennen.

De ingang en de kamer zijn gebouwd om roofdieren te laten geloven dat het nest leeg is. De echte nestkamer ligt eronder en heeft een gecamoufleerde ingang.

Als de ouders het nest in of uit gaan, sluiten ze het steeds zorgvuldig af met een soort klittenband van spinrag.

Het dubbelwandige nest heeft een valse en een echte nestkamer. Het is zo dicht geweven dat zelfs apen het nauwelijks stuk krijgen.

© Claus Lunau

Slangen en roofvogels komen op de goed zichtbare nepingang van het nest af. Die leidt echter naar een lege kamer, waardoor het roofdier de jacht al snel voor gezien houdt.

© Claus Lunau

Als de vogelouders het nest in of uit gaan, gebruiken ze de geheime ingang, die zacht is en inzakt zodra de vogels erdoorheen zijn. De ingang wordt afgesloten met spinrag, dat in de opening geplakt wordt, zodat een windvlaag geen grip krijgt op de rand en de nestkamer niet meesleurt.

Ook de jongen doen hun best om te overleven: normaal piepen kleine vogeltjes als ze merken dat er iets op hun nest landt, maar buidelmeesjes zwijgen als het graf als er activiteit rond hun nest te bespeuren valt.

Stinkwantsjes hebben bezorgde moeder

© Kim Taylor/Nature PL

Insecten doen normaal niet zo aan nestzorg, maar onder de wantsen vind je wel degelijk zorgzame moeders. Stinkwantsen, die veel voorkomen, leggen hun eitjes in hoopjes op de bladeren van planten die ze eten.

De vrouwtjes passen goed op de eitjes en verdedigen ze tegen roofdieren. Als de eitjes uitkomen, blijven de wantsjes bij elkaar terwijl mams over ze waakt en zonder pardon op andere insecten en wespen afgaat die te dichtbij komen.

Zo houdt ze niet veel tijd over om te rusten of voedsel te zoeken, maar de jongen groeien snel op en waaieren algauw uit.

Bij ongunstige omstandigheden, zoals de aanwezigheid van roofdieren of de afwezigheid van eten, kruipen de jongen op de rug van hun
moeder, die ze naar verse bladeren brengt.