15% meer natuur redt 60% van de diersoorten

Een strategische actie in de natuur kan een enorm verschil maken in de strijd om bedreigde diersoorten te redden en klimaatverandering tegen te gaan. Maar dat vereist mondiale samenwerking.

Een strategische actie in de natuur kan een enorm verschil maken in de strijd om bedreigde diersoorten te redden en klimaatverandering tegen te gaan. Maar dat vereist mondiale samenwerking.

Shutterstock

De wereld staat voor twee parallelle crises: klimaatverandering en het verlies van biodiversiteit. En die los je niet zomaar even allebei op. Toch kunnen we, door strategisch te werk te gaan, verbazend ver komen met een relatief kleine ingreep.

Een nieuw onderzoek, gepubliceerd in het tijdschrift Nature, concludeert dat we 60 procent van de diersoorten kunnen redden door slechts 15 procent van de landbouwgrond om te vormen tot natuurgebieden waar dieren kunnen leven.

Bovendien wordt de extra hoeveelheid CO2 die sinds de 19e eeuw de atmosfeer in wordt gepompt, met 30 procent teruggebracht doordat de onontgonnen natuur meer CO2 bindt.

Wiskundig model kiest perfecte gebieden uit

Volgens het onderzoek, dat is uitgevoerd door 27 wetenschappers uit 12 landen, is het echter wel van belang de juiste landbouwgrond uit te kiezen. Het moeten de gebieden zijn waar dit het meeste oplevert.

Een strategische actie kan 13 keer zo actief zijn als een willekeurige.

Wereldkaart met herstelzones

Natuurherstel heeft het meeste zin in de tropen (rood), o.a. doordat de soortenrijkdom er hoog is en doordat bijvoorbeeld mangrovebos effectief CO2 opneemt. De ongelijke verdeling van goede herstelzones onderstreept het belang van een mondiaal reddingsplan, waarbij de landen ook financieel samenwerken.

© Nature/Strassburg, Iribarrem et al.

De onderzoekers gebruikten een wiskundig model om kaarten van 2870 miljoen hectare landbouwgebieden te analyseren, die voor ze werden ontgonnen uit bos, grasvelden, bosschages en wetlands bestonden.

De gebieden werden beoordeeld op basis van drie criteria: hun potentieel als habitat voor dieren, hun vermogen om CO2 op te nemen en de kosten om er natuurgebied van te maken.

Het resultaat van de analyse is een kaart met prioritaire voorstellen voor de hersteloperatie.

Zonder mondiaal plan sterven 1 miljoen diersoorten

Een interessante conclusie van het nieuwe onderzoek is dat het plan alleen werkt als het wereldwijd wordt gecoördineerd.

Toen de onderzoekers het model op nationaal niveau testten – dat wil zeggen een scenario waarin elk land zelf 15 procent van de natuur terugbrengt zonder af te stemmen met andere landen – daalde het effect sterk.

Het effect op de biodiversiteit daalde met 28 procent en het effect op het klimaat met 29 procent, terwijl de kosten met 52 procent stegen. Er is dus wereldwijde politieke afstemming nodig om het plan optimaal te laten slagen.

Het onderzoek volgt op de waarschuwing van de VN dat er als we niet ingrijpen de komende decennia een miljoen diersoorten zullen verdwijnen.