© Laurence Griffiths/Getty Images

Hoe verandert een effectbal van richting?

Je krijgt bij voetbal soms de fraaiste doelpunten als de bal bij een vrije trap onverwacht om de muur heen draait. Maar hoe kan een bal in de lucht eigenlijk van richting veranderen?

In de halve finale van het EK van 2021 tussen Denemarken en Engeland werd het enige doelpunt uit een directe vrije trap gescoord van het hele toernooi .

Na een half uur in de eerste helft krulde Mikkel Damsgaard de bal over de Engelse muur. Ondanks zijn snelheid dook die onder de lat en achter doelman Jordan Pickford.

Voetballers trainen uren en uren om te leren hoe ze de bal langs of over een muur kunnen krullen. Het is de enige manier om te scoren als het muurtje de rechte weg van bal naar doel volledig blokkeert.

De reden dat dit kan is het zogeheten magnuseffect, dat ervoor zorgt dat de bal in de lucht van richting verandert.

Rotatie verandert luchtweerstand

Voor het magnuseffect moet de bal om zijn eigen as draaien. En dat krijgt een voetballer voor elkaar door hem iets uit het midden te raken, bijvoorbeeld rechts.

De bal ondervindt luchtweerstand, maar niet evenveel aan beide kanten. Rechts ontmoet de bal de meeste weerstand, want door de rotatie draait het oppervlak daar dezelfde kant op als de bal. Links is de weerstand navenant minder omdat het oppervlak de andere kant op draait dan de bal.

Een effectbal verandert van richting omdat de luchtweerstand aan elke kant anders is.

© Claus Lunau

1. Scheve trap veroorzaakt effect

De speler raakt de rechterkant van de bal, waardoor de bal gaat draaien. Terwijl hij vooruit beweegt, draait hij ook om zijn as tegen de klok in.

© Claus Lunau

2. Luchtweerstand wordt

Door de draaiing is de luchtweerstand links van de bal lager dan rechts. Daardoor krult de lucht aan de linkerkant tot vlak achter de bal.

© Claus Lunau

3. Bal verandert van richting

De afbuiging van de lucht links van de bal creëert een tegengestelde kracht, het zogeheten magnuseffect, waardoor de baan van de bal naar links buigt.

Het resultaat is dat de lucht links achter de bal wordt getrokken, waardoor een drukverschil ontstaat met lage druk links en hoge druk rechts. Om dit verschil te compenseren wordt de bal naar links getrokken, en dit verschijnsel heet het magnuseffect.

Effectballen worden bij tal van sporten gebruikt, van honkbal tot golf. Bij tennis en tafeltennis geven de spelers de bal in bijna elke slag effect. Hier zie je duidelijk hoe de bal duikt als hij topspin krijgt en verder vliegt als hij backspin krijgt.