Fossil, Crocodile

Eerst een dodelijke beet

De krokodil ontwikkelde al snel krachtige kaakspieren.

24 augustus 2010 door Lars Thomas

De eerste primitieve krokodillen stamden van oudere reptielen, archosaurussen, de voorlopers van de dinosaurus en dus ook van onze vogels. De krokodillen waren klein en leefden op het land, maar al snel ontwikkelden ze krachtige kaakspieren en een massieve schedel. Dit was een aanpassing aan hun dodelijke beet: als de schedel niet zo stevig zou zijn, zou hij doorbuigen onder druk van de samentrekkende kaakspieren.

In 2001 vond een Amerikaanse onderzoeker in China het fossiel van de Junggarsuchus sloani, die 175 miljoen jaar terug leefde. Hij was maar een meter lang, maar de schedelbotten waren al vergroeid tot een geheel dat de druk van de grote kaakspieren aankon. De kleine soort had dus een extreem krachtige beet. Misschien beet hij zich vast in grote dieren om ze daarna in stukken te scheuren.

Bekijk ook ...

ONTVANG DE NIEUWSBRIEF VAN WETENSCHAP IN BEELD

Je ontvangt je gratis special, Onze extreme hersenen, als download zodra je je hebt aangemeld voor onze nieuwsbrief.

Ook gelezen

Niet gevonden wat je zocht? Zoek hier: