Rocket Aussie Invader

Raket op wielen vestigt nieuwe records

13 jaar geleden ging voor het eerst een auto door de geluidsbarrière met een topsnelheid van 1228 kilometer per uur. Britse, Amerikaanse en Australische teams willen dit record nu verbreken met een rijdende raket die 1000 mijl per uur (1609 km/h) kan halen.

29 september 2010

Het duurt maar even, maar het is een intense ervaring. Met 447 meter per seconde is zelfs de kleinste fout levensgevaarlijk. Maar zo hard moet het wel gaan om het record te verbreken.

Misschien heb je wel eens 160 km/h op de snelweg gereden. Een Australisch-Brits team wil nu tien keer zo snel rijden en het snelheidsrecord verpulveren. Dat werd in 1997 gevestigd door straaljagerpiloot Andy Green, die 1228 km/h reed in de Thrust SSC, een auto met straalaandrijving. En niet alleen haalde hij dat record; hij ging ook als eerste door de geluidsbarrière in een rijdend voertuig.

Het Australische team is nu aardig gevorderd met de bouw van de Aussie Invader. ‘Auto’ is in dit geval een nogal misleidende benaming, want de Aussie Invader is meer een raket op wielen. De constructie van het zeven meter lange voertuig is relatief eenvoudig en dat is ook zijn kracht, volgens de 59-jarige teamleider Rosco McGlashan. Hij is er vast van overtuigd dat de Aussie Invader met hem in de cockpit de strijd om het snelheidsrecord zal gaan winnen. Van kinds af aan is hij al geobsedeerd door snelheid. Hij staat inmiddels bekend als de snelste man van Australië, nadat hij in 1996 1026 km/h wist te halen.

De vier raketmotoren van de Aussie Invader leveren zo veel kracht dat deze auto van 0 tot 1609 km/h optrekt in hooguit 19 seconden. ‘Ongeveer even lang als je bezig bent met je veiligheidsgordel’, merkt Rosco McGlashan droogjes op.

Straal- en raketaandrijving

De tegenstander van McGlashan is de Britse Bloodhound SSC, die zo spits is als een potlood en volgens het Bloodhound-team sneller gaat dan een kogel van een Magnum 357. Het project werd in 2008 onder leiding van Richard Noble opgestart; de 46-jarige straaljagerpiloot Andy Green, de huidige recordhouder, heeft beloofd achter het stuur plaats te nemen.

Als de Engelse auto accelereert, wordt Green blootgesteld aan een kracht van 2,5 g, en bij het remmen neemt deze toe tot 3,5 g. Voor hun poging moesten de Engelsen een traject vinden waar ze kunnen accelereren. Ze zochten stad en land af naar een vlak stuk van minimaal 16 kilometer en hebben nu de ideale plek gevonden: Hakskeen Pan in Zuid-Afrika, een vlakte van opgedroogde modder.

Het Engelse team koos ervoor om de Bloodhound SSC zowel straal- als raketaandrijving te geven. Het plan is om met de straalmotor te accelereren en dan de raketmotor in te schakelen. Het duurt volgens de berekeningen 42,5 seconden om 1000 mph (mijl per uur) te halen.

20 meter lange vlam

Het derde team dat het snelheidsrecord over land wil verbreken, komt uit de VS en Canada. De leden ervan schatten hun kansen hoog in, nadat ze de afgelopen lente hun North American Eagle hebben getest. Hun ambities zijn echter een stuk bescheidener dan die van de Engelsen en Australiërs: ze willen met hun voertuig ‘slechts’ 800 mph halen (1287 km/h). Dat is genoeg om het record te verbreken, want in de regels van de FIA (Fédération Internationale de l’Automobile) staat dat een nieuw record kan worden erkend als het oude met minimaal 1% wordt overtroffen – in dit geval dus met 13 km/h.

Het team achter de North American Eagle begon al in 2005 met het testen van de auto, die is gebouwd op basis van een F-104 Starfighter – de eerste straaljager die twee keer zo snel ging als het geluid. De North American Eagle is ontworpen om langzaam op gang te komen. Tijdens de acceleratie slurpt de motor desondanks 38 liter brandstof per seconde en braakt hij een 20 meter lange vlam uit.

Als de remmen het begeven is er een plan B. Aan het einde van de baan hangt eenzelfde net als er op vliegdekschepen wordt gebruikt om vliegtuigen bij de landing op te vangen. Het net kan de North American Eagle tot stilstand brengen als die niet meer dan 480 km/h rijdt.

Alle drie de teams zitten dus midden in de voorbereidingen, maar het is nog onduidelijk wanneer hun auto’s klaar zijn voor de recordpoging. Geen enkel team noemt al een vaste datum, maar de Engelsen en Australiërs melden dat ze hopen volgend jaar klaar te zijn.

Naast de vele technische uitdagingen hebben alle teams te kampen met een groot gebrek aan middelen, want het bouwen en testen van de voertuigen kost veel geld. Het Australische team schat de kosten op dik 2,5 miljoen euro, waarvan een kwart opgaat aan brandstof. De auto’s worden gebouwd door vrijwilligers, die er al hun vrije tijd in steken.

Er is veel specialistische kennis nodig en de teams stuiten constant op nieuwe uitdagingen. Ze moeten bijvoorbeeld wielen maken die een hoge belasting aankunnen; de wielen van de Engelse Bloodhound maken meer dan 10.000 omwentelingen per minuut. Luchtweerstand vormt een ander probleem. In het ergste geval tilt deze het voertuig op, dat erdoor opstijgt. De auto’s krijgen daarom vinnen om ze aan de grond te houden. Het grootste probleem is echter de schokgolf die de auto vóór zich opbouwt als deze de geluidssnelheid nadert.

De golf kan de auto, en het oppervlak waarop deze rijdt, instabiel maken. In de luchtvaart is men gewend aan het doorbreken van de geluidsbarrière, maar de gevolgen voor voertuigen zijn onbekend. Ook het remmen is een opgave op zich. Je kunt niet zomaar de motor uitzetten, omdat de chauffeur dan aan te sterke g-krachten wordt blootgesteld; je moet rustig afremmen. Alle drie de voertuigen zijn uitgerust met remparachutes.

Schietstoelen helpen niet

Als er een nieuw record wordt gevestigd, is één ding zeker: anderen zullen hun best doen het te breken. De Amerikaan Waldo E. Stakes heeft al aangekondigd mach 2 te willen halen, dus twee keer zo snel als het geluid: meer dan 2200 km/h.

Voorlopig is het streven om ‘slechts’ 1000 mph te halen, maar zelfs bij die snelheid kan de kleinste constructiefout of het geringste obstakel op de weg fataal zijn. Als de chauffeur de controle over het voertuig verliest, zijn zijn kansen op overleving vrijwel nihil. Er wordt niet, zoals in een straaljager, een schietstoel ingebouwd, omdat die nutteloos is. Een schietstoel kan de bestuurder niet ver genoeg weg schieten om veilig te kunnen landen, en als de auto over de kop slaat heeft de bestuurder kans dat hij totaal de verkeerde kant op wordt weggeschoten.

Naast sponsors en bekwame bouwers heb je er dus ook heel wat lef voor nodig om af te tasten waar precies de grenzen liggen van de snelheid waarmee we ons over land kunnen voortbewegen.

Thema

Bekijk ook ...

ONTVANG DE NIEUWSBRIEF VAN WETENSCHAP IN BEELD

Je ontvangt je gratis special, Onze extreme hersenen, als download zodra je je hebt aangemeld voor onze nieuwsbrief.

Ook gelezen

Niet gevonden wat je zocht? Zoek hier: