Hoe meet je energie in voedsel?

Hoe wordt de energie in levensmiddelen gemeten? Wat betekent het als 100 gram halfvolle melk 190kJ energie bevat?

1 september 2009

De energiewaarde van voedsel meten we in een ‘bomcaloriemeter’. Deze bestaat uit een afgesloten, geïsoleerde houder die in water wordt gedompeld. Daarin doen we voedsel waarvan we de waarde willen meten, waarna we de houder dichtdoen en met zuivere zuurstof vullen. Met een vonksysteem steken we het voedsel aan. De brandbare delen verbranden volledig en er blijft alleen water en koolstofdioxide over. De verbranding veroorzaakt een temperatuurstijging die we kunnen aflezen doordat het water rondom de houder opwarmt. De temperatuurstijging van het water geeft de verbrandingswaarde van het voedsel aan en dus de energie die het voedsel bevat. Dit rekenen we om naar de totale energie-inhoud van het voedsel in kilojoule, kJ. Het verbrandingsproces komt overeen met het proces van onze stofwisseling. Bij ons gaat het met enzymen, maar het eindresultaat is hetzelfde: energie, kooldioxide en water met wat onverteerbare delen zoals onoplosbare vezels die via de ontlasting worden uitgescheiden. Onverteerbare bestanddelen vormen ongeveer 15% van de totale energie-inhoud in voedsel.

Bekijk ook ...

ONTVANG DE NIEUWSBRIEF VAN WETENSCHAP IN BEELD

Je ontvangt je gratis special, Onze extreme hersenen, als download zodra je je hebt aangemeld voor onze nieuwsbrief.

Ook gelezen

Niet gevonden wat je zocht? Zoek hier: