Een tegenvuur is een vuur dat opzettelijk wordt aangestoken bij het front van een bosbrand. Door dit tegenvuur wordt het brandbare materiaal weggebrand, en zo ontstaat er een strook die de opkomende brand afremt. Tegenvuur kan een brand soms volledig tegenhouden, maar de kans bestaat dat het tegenvuur zelf niet onder controle blijft en de situatie daardoor juist verergert. Het vereist veel ervaring om een tegenvuur te gebruiken.
Het effect is het grootst als het tegenvuur dicht bij de brandhaard aangestoken wordt, zodat het vuur daarnaartoe wordt gezogen. Warme lucht stijgt bij een grote brand op en zuigt continu lucht aan. Als het tegenvuur op de juiste afstand wordt aangestoken zal het alleen die kant op branden, en niet in een andere richting.
In gebieden met veel bosbranden wordt vuur ook preventief toegepast. Door gecontroleerde branden verdwijnt brandbaar materiaal, zodat bosbranden daar geen grip op krijgen. Er zijn echter talloze voorbeelden van ‘gecontroleerde’ branden die uit de hand zijn gelopen.
Diversen: Lees over Toetanchamon en hoe het met hem afliep. Het nieuwe DNA-onderzoek brengt ons dichter bij het antwoord.
De Russen beweren dat een schedelfragment in hun staatsarchief van Adolf Hitler is.
Diversen: Download of print hier de pdf's uit de serie 'In cijfers' en ontdek de bronnen erachter.