Waarom heeft het zuiden meer dieren?

1 september 2009

Het aantal diersoorten neemt toe naarmate je dichter bij de tropen komt. Dit komt doordat warmere gebieden een stabiel milieu vormen, waar soorten zich in alle rust ontwikkelen en zich kunnen toeleggen op het meest effectieve gebruik van de voedselbronnen in de buurt. Soorten in gematigde streken konden zich niet zo’n lange tijd ontwikkelen; ze zijn geteisterd door ijstijden en klimaatveranderingen, waardoor veel soorten zijn uitgestorven. Bovendien staan soorten in gematigde zones bloot aan hevige seizoenswisselingen. Een onevenwichtig leefklimaat is volgens sommige biologen niet gunstig voor de diversiteit. Onderzoek toont aan dat seizoenswisselingen een barrière vormen voor de verspreiding van tropische soorten naar het noorden of het zuiden. De soorten in de tropen hebben het voordeel van veel zonlicht, de basis voor flink wat fotosynthese en plantaardige productie. De dieren hebben zo genoeg om van te leven en de voedselketens hebben veel schakels. Bij de polen brengen planten soms zo weinig voort dat de voedselketens weinig niveaus hebben; daar krijg je niet veel nieuwe soorten mee.

Bekijk ook ...

ONTVANG DE NIEUWSBRIEF VAN WETENSCHAP IN BEELD

Je ontvangt je gratis special, Onze extreme hersenen, als download zodra je je hebt aangemeld voor onze nieuwsbrief.

Ook gelezen

Niet gevonden wat je zocht? Zoek hier: