mythe topfoto hersenen

7 hardnekkige wetenschapsmythen

90% van je hersencapaciteit is onbenut, als je een dubbeltje van een flatgebouw gooit kunnen er doden vallen en je krijgt reuma van het knakken van je vingers. Er zijn mythen genoeg op wetenschapsgebied, en wij prikken ze door met keiharde feiten.

7 januari 2016 door Mikkel Skovbo

Mythe 1: We gebruiken maar 10% van onze hersencapaciteit

FEITEN: Stel je voor wat er nog allemaal te bereiken zou zijn als dat waar was! Maar helaas, op geen enkele hersenscan zijn gebieden te zien die liggen te sluimeren, zelfs niet op celniveau.

Als de mythe waar was, zouden er veel voorbeelden bestaan van hersenbeschadigingen die geen merkbaar effect hebben. Maar zo is het niet. De hersenen draaien niet bij elke handeling op volle capaciteit, maar er blijft geen hoekje onbenut.

De mythe is waarschijnlijk in omloop gebracht door de Amerikaanse psychloog William James, die rond 1900 de boodschap uitdroeg dat de mens slechts een klein deel van zijn potentieel benut. Maar hij had het heel ergens anders over.

Mythe 2: Volwassenen hebben 8 uur slaap nodig

FEITEN: Er bestaan zeker mensen die zeker 8 uur slaap per nacht nodig hebben om niet elke dag met het verkeerde been uit bed te stappen, maar er zijn er ook die aan 4 uur genoeg hebben.

De behoefte aan slaap is individueel, en wordt bepaald door genen die onder meer de kwaliteit van de slaap en het vermogen om in slaap te vallen bepalen. Een vuistregel is dat als je overdag niet moe bent, je genoeg slaapt.

En het is heel belangrijk om voldoende te slapen. Uit nieuwe proeven blijkt dat slapen goed is voor je geheugen en het krimpen van je hersenen tegengaat.

Mythe 3: Een dubbeltje van een flatgebouw gooien is dodelijk

FEIT: Maak je geen zorgen, je kunt rustig langs het Empire State Building lopen zonder bang te zijn dat een vallende munt dwars door je schedel heen gaat.

Vanwege de vorm van de munt zijn de luchtweerstand en de zwaartekracht al snel met elkaar in evenwicht, en na een vrije val van 15 meter heeft de munt zijn topsnelheid bereikt, die ergens tussen de 40 en 100 kilometer per uur ligt. De snelheid hangt af van de weersomstandigheden en de rotatie van de munt in de lucht.

Je voelt het natuurlijk wel als je geraakt wordt door een vallende munt, maar daar blijft het dan ook bij.

Mythe 4: Nagels groeien na de dood door

FEITEN: Als je nagels na je dood doorgroeien, beschik je zonder twijfel over bovennatuurlijke krachten.

Nagels bestaan uit het eiwit keratine, dat gevormd wordt door cellen in de opperhuid, de keratinocyten. En als het lichaam sterft, houden ook deze cellen er gewoon mee op.

Het lijkt echter alsof de nagels doorgroeien, want de huid eromheen trekt zich een beetje terug doordat het dode lichaam uitdroogt. De nagels komen daardoor meer bloot te liggen, net als het haar, dat ook uit keratine bestaat.

Mythe 5: Het knakken van je vingers leidt tot reuma

FEITEN: Bij sommige mensen lopen de koude rillingen over de rug bij het horen van knakkende gewrichten in de vingers. Maar het kan weinig kwaad om je vingers te knakken.

De wetenschap heeft nooit een verband aangetoond tussen het knakken van vingers en reuma, en het gaat dan ook alleen om vrijkomende gasbelletjes in de vloeistof in de gewrichten.

Als je je vingers knakt, trek je de gewrichten iets uit elkaar, waardoor de druk in de vloeistof daalt. Het vacuüm dat dan ontstaat trekt kooldioxide, zuurstof en stikstof – gassen dus – uit de vloeistof. Als de botten weer op hun plek komen, spatten de gasbelletjes uit elkaar, en dat is het geluid dat je hoort.

Mythe 6: Je wordt bijziend van lezen in het donker

FEITEN: Je moeder riep misschien wel eens: 'Je wordt blind als je in het donker leest!' als je in een slecht verlicht hoekje in een boek verdiept zat.

Maar dat is onzin. Je kunt hoofdpijn krijgen en misselijk worden als je in slecht licht leest, maar bijziend word je niet, laat staan blind.

De spier die de pupil aanstuurt – de ciliaire spier – en de staafjes van het netvlies moeten weliswaar stevig aan de bak als je in het donker leest, maar het oog raakt niet permanent beschadigd. Het herstelt zich als het gesloten is, en als het zich weer kan ontspannen.

Mythe 7: De bliksem slaat nooit twee keer op dezelfde plek in

FEITEN: De parkwachter Roy Sullivan (1912-1983) had misschien gehoopt dat deze mythe waar was. Hij werd maar liefst zeven keer door de bliksem getroffen. Hij raakte daarbij een teennagel kwijt en zijn haar vloog een paar keer in brand.

Roy stond weliswaar niet telkens op dezelfde plek, maar dat had net zo goed wel zo kunnen zijn: bliksem is een elektrische ontlading, en die zoekt gewoon de korste weg tussen de onweerswolk en de grond. Zo wordt het Empire State Building in New York zo'n 100 keer per jaar door de bliksem getroffen.

Bliksem kan ook bestaan uit een reeks van soms wel 20 elektrische ontladingen die dezelfde baan volgen en met een paar microseconden ertussen op dezelfde plek inslaan. Door deze eigenschap slaan bliksemschichten dus heel vaak juist op precies dezelfde plaats in.

Bekijk ook ...

ONTVANG DE NIEUWSBRIEF VAN WETENSCHAP IN BEELD

Je ontvangt je gratis special, Onze extreme hersenen, als download zodra je je hebt aangemeld voor onze nieuwsbrief.

Ook gelezen

Niet gevonden wat je zocht? Zoek hier: