Clown TOP

Daarom zijn we bang voor clowns

De clownepidemie die in de Verenigde Staten begon is nu overgewaaid naar ons land. In Almere en Amsterdam zijn al enge 'killer clowns' gesignaleerd. Dit zijn vier wetenschappelijke verklaringen voor onze angst voor clowns.

1 februari 2017 door Mikkel Skovbo

1. Clownfobie komt door kortsluiting in hersenen

De angststoornis coulrofobie – een ziekelijke angst voor clowns – ontstaat als de hersenen een gewoonlijk neutrale stimulans zoals clowns gaan verbinden met een negatieve stimulans, zoals onbehagen of angst.

De fobie gaat vaak terug tot de kindertijd, doordat kinderen in het bijzonder gevoelig zijn voor bekende lichamen met een vreemd gezicht.

Als kinderen herhaaldelijk clowns verbinden met iets onprettigs, kan dat leiden tot coulrofobie, wat gepaard gaat met een onregelmatige hartslag, misselijkheid, overmatig zweten en een overweldigend gevoel van angst na een ontmoeting met een clown.

Hollywood speelt in op onze angst voor clowns met personages als de duivelse Pennywise uit It van Stephen King.

Ernstige coulrofobie komt gelukkig niet veel voor, maar een matige angst voor clowns is minder zeldzaam.

Volgens een YouGov-enquête uit 2014 is 12 procent van de Britten bang voor clowns, waarvan 4 procent in extreme mate.

2. Er klopt iets niet

Foto: AJ Batac / Flickr

Een clown is gemakkelijk te identificeren als een mens, maar tegelijk klopt er iets niet aan zijn mimiek, lichaamstaal en buitenmodel schoenen.

Als iets tegelijk bekend en onbekend is, vinden we dat eng. Dat schreef de vader van de psychoanalyse Sigmund Freud (1856-1939) al in 1919 in het artikel Das Unheimliche.

Freud dacht bijvoorbeeld dat we verdrongen gevoelens eng vinden als ze naar de oppervlakte komen, omdat ze raadselachtig en bekend zijn.

Op dezelfde manier jagen het masker en de eeuwige grijns van de clown ons angst aan, omdat we de vrolijke grimas kennen – maar tegelijkertijd weten dat het niet natuurlijk is om de hele tijd te lachen.

Het wordt cognitieve dissonantie genoemd als twee gedachten met elkaar conflicteren. Dat is ook een van de redenen dat veel mensen zich niet op hun gemak voelen bij mensachtige robots.

3. Killer clown lijkt op roofdier

De mens is in wezen gewoon een dier. En diep in het neurale hersennetwerk zit nog de herinnering aan de tijd dat we moesten rennen voor ons leven om niet als avondeten te eindigen.

Door zogeheten 'killer clowns' die maskers dragen met vlijmscherpe hoektanden of dierlijke ogen, wordt een angst getriggerd die in onze biologie verankerd zit.

'Dat onze monsters eruitzien zoals ze doen, is geen toeval,' zegt Henrik Høgh-Olesen, hoogleraar psychologie aan de universiteit van Aarhus in Denemarken.

4. Masker maakt clown onberekenbaar

_Foto: Davocano / Flickr

Het overgrote deel van onze communicatie met de buitenwereld gaat via het gezicht. Maar als dit is bedekt door een masker of een dikke laag make-up is het moeilijk iemands gemoedstoestand of bedoelingen af te lezen. En dat vinden we eng.

Daarnaast koppelen we maskers aan ongeremd gedrag, aldus de bekende Franse antropoloog Claude Lévi-Strauss (1908-2009).

In zijn boek La voie des masques (1982) legt hij een verband tussen maskers en een gevoel van vrijheid, waarbij de drager kan handelen zonder gebonden te zijn aan sociale conventies of verantwoordelijk te zijn voor zijn daden.

Dat maakt gemaskerde figuren onvoorspelbaar – vooral clowns, die ons sowieso al graag verrassen met een konijn uit hun mouw of een ballon die knapt._

Ook gelezen

Niet gevonden wat je zocht? Zoek hier: